Meet the Maker: Lipika Bansal

‘Mijn naam is Lipika Bansal ik ben social designer. Ik kaart bepaalde zaken in de maatschappij aan en breng die voor het voetlicht in de hoop dat ik daarmee beweging veroorzaak. Een van mijn eerste projecten deed ik in India, in een arbeiderswijk in New Delhi. Samen met een aantal vrouwen die verantwoordelijk zijn voor het water in de buurt deed ik onderzoek naar hoe zij naar de relatie tussen water en gezondheid kijken. Ik noemde hen watermanagers omdat, hoewel hun werk niet in hoog aanzien staat, zij een belangrijke taak hebben. We brachten met elkaar hun werkzaamheden en ervaringen in kaart door verhalen te delen in taal en beeld. Daarvan maakten we tentoonstellingen en gingen in gesprek met andere vrouwen uit de community. Dat zorgde er onder andere voor dat de watermanagers meer zelfvertrouwen kregen en mensen uit de gemeenschap bewuster werden van de verantwoordelijkheden van deze, meestal jonge vrouwen. Ze gingen anders naar hun eigen werkzaamheden kijken, er ontstond bewustwording.’

Meet the Maker: Lipika Bansal

Waar komt jou interesse in social design vandaan? 
‘Het zijn kleine dingen die grote impact op een mensenleven kunnen hebben, zo ben ik ook opgevoed. Mijn ouders begonnen in de jaren zeventig met een hippiewinkel in de Negen Straatjes in Amsterdam. Ze importeerden eerst kleding en sieraden uit India, Nepal, Sri Lanka en Afghanistan en zijn langzaam gegroeid naar een groothandel in interieur en design. Al op jonge leeftijd namen ze mijn zusje en mij mee op reis. We bezochten er familie maar we kwamen ook in de ateliers en de werkplaatsen. We zagen waar de spullen gemaakt werden, hoe de mensen leefden, wat ze konden. Vooral het Indiase textiel sprak mij enorm aan. Toch volgde ik eerst een andere weg, ik heb studies gedaan over de sociologie van technologie.’

Wanneer ben je begonnen met de Textiel Factorij? 
‘Het zal inmiddels een jaar of acht geleden zijn geweest dat ik in het Tropenmuseum op de India afdeling een kinderjakje en een muts uit Marken zag dat gemaakt was van sits. Ik was verbaasd over het feit dat deze typisch Indiase stof gebruikt werd in Nederlandse streekdracht, er bestonden dus historische connecties tussen onze landen? Ik ging me verdiepen in sitsen, ik verzamelde verhalen, deed onderzoek zowel hier in Nederland als in India. Toen is het idee voor Textiel Factorij geboren. Om sits te maken zijn ingewikkelde, gespecialiseerde technieken, verfbaden en bewerkingen nodig. Het was enorm geliefd in Nederland in de zeventiende eeuw omdat het een ongekende vormgeving had, kleurecht en wasbaar was; een innovatie in die tijd.’

Meet the Maker: Lipika Bansal

Kan je ons meer vertellen over Textiel Factorij? 
‘Textiel Factorij is een artistiek uitwisselingsproject over de textielhandel tussen India en Nederland en de invloed ervan op het gebruik, kleur, vormgeving, motieven en patronen in de zeventiende en achttiende eeuw. Er was een belangrijke handelsroute tussen India en Nederland, vooral Gujarat en de Coromandel kust waren belangrijke gebieden waar de VOC handelsposten en fabrieken hadden opgezet voor handel in katoen, indigo en zijde. Ik wilde deze historische band actualiseren en uitwisseling en duurzame samenwerkingen tot stand brengen. Ik richtte me in eerste instantie op de blokprint. Tot nu toe zijn er 35 kunstenaars, vormgevers en ambachtsmensen naar India geweest om daar met meester ambachtsmensen te werken. Ook zijn er Indiase meester ambachtsmensen in Nederland gekomen om les te geven. Van de resultaten heb ik tentoonstellingen georganiseerd in het Fries Museum, het Zuiderzeemuseum, de Museumfabriek, en twee kleinere tentoonstellingen in het Lloyd Hotel. We zijn nu bezig om de tentoonstellingen naar India te laten reizen. Deels is het al gefinancierd. Ik vind het belangrijk voor de waarneming van het eigen kunnen dat de Indiase ambachtsmensen hun werk op een ander niveau gepresenteerd en gerepresenteerd zien. Het is van belang dat verhalen verbonden worden en vanuit verschillende (historische) perspectieven worden verteld.’

Meet the Maker: Lipika Bansal

Wat zijn uitdagingen binnen jouw werk?
‘Ik was een keer in een houtwerkplaats in India waar ambachtsmensen kleine handspiegeltjes aan het maken waren, ze vroegen aan mij wat de mensen daar, ze bedoelden in Nederland, mee moesten? Er is een disconnectie tussen wat wij (het westen) deze mensen vragen en wat zij daar moeten produceren. Ik wil dat er gelijkwaardige samenwerkingen ontstaan, dat kan alleen door elkaar te ontmoeten, elkaar verhalen te vertellen, met elkaar te eten en te werken.’

Meet the Maker: Lipika Bansal

Hoe zie jij de positie van de maker in de toekomst? 
‘In India is de status van de ambachtsman die van arbeider. Hoewel er 200 miljoen ambachtsmensen afhankelijk zijn van hun beroep, neemt ook daar het aantal af door scholing en omdat het zo moeilijk is er een fatsoenlijke boterham mee te verdienen. In deze tijd van Corona heb je geluk als je op het platteland woont omdat daar nog eten is, mensen in de stad gaan dood van de honger, maar als ze naar hun families op het platteland terugkeren, nemen ze het virus misschien mee. De gezondheidszorg in die gebieden is heel minimaal. Ik maak daar wel zorgen om ja. Het verschil tussen arm en rijk is zo groot. Ik heb een fundraisingsactie gedaan voor een gemeenschap met wie ik vaak werk, dat was succesvol, ze waren zo blij, maar wat heb ik feitelijk gedaan? Ik zit hier in mijn fijne huis, met alle voorzieningen naast de deur.’

Wat is jouw lievelingsambacht uit India?
‘Mijn lievelingsambacht uit India, moet dat echt? Als ik er maar drie mag kiezen dan is het borduren, koperslaan en weven. De weeftechniek die voor de sari toegepast wordt, het is zo prachtig. De sari is een zes meter lange lap die vrouwen om hun lichaam wikkelen, het is echt een nationale dracht die van streek tot streek anders gedragen wordt. Elke regio heeft zijn eigen weeftechniek, materialen en patronen. Iedereen in India weet hoe je een sari moet dragen. Vroeger als we bij mijn familie in India waren droegen al mijn tantes een sari, nu dragen ze leggings. Ik heb hele mooie sari’s van mijn moeder gekregen die ik draag bij bijzondere gelegenheden, maar zeker één keer per jaar tijdens Diwali, het Indiaas lichtjesfeest.’

Meet the Maker: Lipika Bansal

Waar ben je momenteel mee bezig? 
‘Als vervolg op Textiel Factorij verdiep ik me al een tijd in borduurtechnieken uit India en dan met name de Mochi borduurtechniek, hier ook wel bekend als tamboereren. Je werkt met de lunevillenaald, een soort haaknaald, waardoor je de stof kan bewerken. Vanaf de achttiende eeuw droegen vrouwen en mannen van de grachtengordel dit soort fijn versierde kleding. Deze traditionele borduursteek uit Gujarat is verdwenen toch zijn er nog steeds diverse steken te vinden die beïnvloed zijn door de Mochi borduurtechniek. Hoewel het tegenwoordig Aari heet en geen Mochi. Net zoals met de druktechnieken wil ik hier een langdurige samenwerking met Nederlandse ontwerpers tot stand brengen zodat er hedendaagse toepassingen voor bedacht worden, ik werk daarvoor samen met Karim Adduchi.’

Hoe zie jij het makerschap in toekomst?
‘Ik zie zeker een toekomst voor het maken. In Nederland ontstaan nieuwe ambachten doordat er nieuwe mensen naar ons land komen die andere technieken meebrengen. Het is soms helaas wel heel ingewikkeld en bureaucratisch om hier een plek te verwerven. Er wordt nog steeds een beroep gedaan op formele kennis maar de kennis van de mensen die komen is vaak informeel, overgedragen van vader op zoon of van moeder op dochter. Ik zou willen dat daar meer naar gekeken wordt, ook dat mensen meer nieuwsgierig worden naar de verhalen en technieken die deze mensen meebrengen. Stel je open en luister naar de verhalen van de ander. In India zullen ambachten ook blijven bestaan, maar het is moeilijk. Een van de doelen van de Textiel Factorij is het stimuleren van langdurige samenwerkingen, alleen zo kunnen deze eeuwenoude technieken voortbestaan. Mede om die reden heb ik Mumby opgezet, een kleinschalig, duurzaam kinderdesign label. Maar ook het vertrouwen vanuit de ambachtslieden zelf is nodig, het idee dat hun kinderen de traditie voort kunnen zetten en er geld mee kunnen verdienen. Wevers met wie ik samenwerk, zoals Shamji en Dayalalji, tiende generatie wevers, hebben kleine weefgetouwtjes voor hun kinderen en kleinkinderen zodat die spelenderwijs alle technieken kunnen leren, want hoewel wevers het moeilijk hebben, leren de kinderen wel een vak waar ze altijd op terug kunnen vallen.’

 

Meet the Maker: Lipika Bansal
Links: Lipika Bansal

‘Een mooi voorbeeld van samenwerking is de productie van blokken die voor het drukken gebruikt worden. Het snijden ervan is een tijdrovend en ingewikkeld werk. Sujata Majumdar en Simone Post, ontwerpers van Textielfactorij, ontwikkelden nieuwe blokken met een CNC-machine. De machine deed het ruwe werk, daarna maakte de bloksnijder het blok af. Dat zou vooruitgang kunnen zijn, want je kan sneller werken, en het zou interesse kunnen wekken bij jonge generaties. Het leuke is echter dat we ontdekten dat het volledig handgesneden blok het mooiste drukt, de kleuren het beste opneemt en door iedereen als het mooiste patroon gekozen werd. De hand van de meester!’

Meer zien van Textiel Factorij en Lipika? Bekijk haar website en Instagram.

Meet the Maker: Lipika Bansal

Meet the Maker: Lipika Bansal