Weven op 3 schachten

Het principe van weven is tamelijk eenvoudig. Een aantal draden wordt evenwijdig naast elkaar gespannen (de schering), haaks daarop worden er draden doorheen gevlochten (inslag). Hierop kunnen eindeloze variaties gemaakt worden; in materiaal, kleur, draaddikte en spanning. Bij een weefgetouw kunnen draden van de schering per groep opgetild worden door schachten of kammen. Door de kettingdraden in een bepaalde volgorde op te tillen of te laten vallen, ontstaan patronen (bindingen) die door de inslagdraad worden ‘vastgezet’.

Een van de meer eenvoudige weefgetouwen is de drieschacht. Weefsels van dit soort getouwen bestaat al heel lang. In Syrië werd al voor onze jaartelling keeperweefsel geproduceerd. De Nederlandse Erica de Ruiter doet al bijna heel haar werkzaam leven onderzoek om op dit weefgetouw tot patronen te komen.
Ze volgde haar opleiding in Amsterdam aan het Instituut voor Kunstnijverheidsonderwijs, de huidige Rietveldacademie. Al vroeg in haar carrière vond ze haar liefde die een leven lang zou duren; hoe ze met zo min mogelijk schachten zoveel mogelijk patronen kan weven. Ze analyseert, weeft proeven, experimenteert en documenteert alles op zeer zorgvuldige wijze.

Het resulteerde in een fantastisch boek! Hierin staan kepervariaties, herdersweefsel, M’s-en-O’s, schijnpatronen, gerstekorrel, wafels, dik en dun. Verder koordweefsel met kettingeffect maar ook met inslageffect dat gewatteerd kan worden. Ook de handmatige selectie komt aan de orde, op deze manier kun je zomer-en-winter, ‘petit point’, lancé, damast en taqueté en band in kettingvorm weven. Het weven op drie schachten vraagt extra alertheid waardoor ook het weven ook voor ervaren weefsters en wevers boeiend blijft.

Het boek Weven op 3 schachten (NL/ENG) bevat traditionele weefsels en structuren voor elk niveau.

Prijs

37.50 incl. BTW

7 op voorraad