Meet the Maker: Bibi Smit

‘Ik ben Bibi Smit. Ik noem mijzelf glaskunstenaar, designer maar ook maker. Ik vind maker eigenlijk het beste passen, ik associeer het met de betekenis die maker heeft in het Engels. Ik ben een van de weinige glasblazer-ontwerpers in Nederland die zelf kan glasblazen. Dat is uniek, ik kan mijn ideeën rechtstreeks vanuit mijn gevoel en intuïtie realiseren, zonder mijn ideeën eerst te hoeven vertalen in woorden of tekeningen.

Mijn opleiding heb ik genoten in Engeland, in Farnham. Academies in Engeland zijn, zeker in de tachtiger jaren van de vorige eeuw toen ik studeerde, meer gericht op materiaal. Je wordt opgeleid als keramist of glasblazer, het beroep wordt gedefinieerd vanuit het materiaal. In Nederland zijn academies meer gericht ontwerp, zoals modevormgever, grafisch ontwerp, beroepen zijn gedefinieerd vanuit ontwerpdiscipline. In Nederland is daardoor het ontwerp eerder het uitgangspunt, pas daarna wordt het materiaal erbij gezocht. Dat is een heel andere benadering dan wanneer je werkt vanuit het materiaal zoals ik ben opgeleid.

Ik begon met een basisjaar, ik maakte kennis met heel veel technieken en materialen, van fotografie tot printmaking en dus ook met glasblazen. Dat was geweldig. Ik zag mensen in de glaswerkplaats aan het werk en dat gaf zoveel aantrekkingskant, de hitte, het werk, het materiaal. Toen dacht ik ‘dat wordt het’. In Farnham heb ik veel geleerd, alles rondom glasblazen maar ook andere glas gerelateerde technieken zoals etsen met zuur, gieten in mallen, slumpen, slijpen, polijsten, zandstralen. Na mijn opleiding ben ik gaan werken in een glasatelier in Schotland, daar heb ik mijn uren kunnen draaien. Ze zeggen dat je 10.000 uur moet oefenen wil je een ambacht in de vingers krijgen en dat klopt ook. Je kan het vergelijken met op hoog niveau leren vioolspelen. Oefenen, oefenen, oefenen.’

Bibi Smit
Links: portret door Annemarie Sabelis. Rechts: Sensuous Torso Vase, fotografie Frieda Mellema

Waar ben je momenteel mee bezig?
‘Nu we in de lockdown zitten kunnen mijn assistenten hier niet komen. Dat betekent dat ik nu geen grote dingen kan maken. Ik gebruik deze tijd om te experimenteren met nieuwe vormen, ik maak kleine proefjes. Ook gebruik ik deze tijd om opdrachten af te maken: twee kroonluchters van glazen vogels. Deze opdrachten kwamen binnen naar aanleiding van mijn presentatie vorig jaar in Milaan. De kroonluchters zijn op maat gemaakt voor de klanten, qua grootte en kleur.’

Wat maakt jouw beroep zo leuk?
‘Zoveel! Werken met heet glas, het materiaal zelf. Dat er aan het einde van de dag iets tastbaars ligt, dat ik heb gemaakt. Dat ik aan het einde van de dag fysiek moe ben. Of dat ik ’s ochtends de oven open doe en ik kan zien wat ik de vorige dag gemaakt heb (glas moet ‘s nachts gecontroleerd, langzaam afkoelen om het spanningsvrij te maken). Ook heel belangrijk is de totale vrijheid die ik heb, om alles te kunnen maken wat ik in mijn hoofd heb. Echt geweldig dat ik daar mijn beroep van heb kunnen maken. En dat ik mensen raak met mijn werk, hen blij kan maken of hen kan laten verwonderen.’

Waar haal je inspiratie vandaan?
‘Ik haal mijn inspiratie uit het materiaal zelf: spelen met glas en daardoor nieuwe eigenschappen ontdekken zoals elasticiteit. Tijdens het maakproces kan je iets laten ontstaan, maar er gaat ook veel fout. Ik noem dat ‘happy accidents’,  daar ben ik dol op, ik haal er inspiratie uit. Door de fouten te bestuderen ontstaat nieuwe kennis: als een ‘fout’ mij intrigeert ga ik net zo lang door totdat ik snap wat er gebeurt. Net zo lang totdat ik er controle over krijgen en het dan kan toepassen, er iets moois van kan maken. Dat gebeurde bijvoorbeeld met ‘kreukels in glas’, die heb ik nu onder controle en ontstaan door samenspel tussen mijn handen, zwaartekracht en het materiaal. Of door ‘gesponnen glas’, dunne glasdraadjes om een vorm, die ook per ongeluk ontstaan zijn. Daarna is het heel lang oefenen om het in de vingers te krijgen, vaak gaat het om kwesties van seconden, één seconde te lang verhitten en het resultaat is weg. Ik raak ook geïnspireerd door de natuur: bewegende vormen zoals de wind in de herfst, blaadjes die omhoog vliegen. Door wolken, hoe ze bewegen, de kleuren, hoe de elementen zich verhouden tot elkaar, van golven in het water tot spreeuwen in de lucht.’

Wat zijn uitdagingen binnen jouw werk?
‘Glas doet niet altijd precies wat je wil, het kan altijd stuk gaan, tot op het laatste moment. Maar de zakelijke kant is de grootste uitdaging. Ik ben ongeveer eenderde bezig met maken en tweederde met de zakelijke kant. Dat kost veel tijd, van PR, websiteonderhoud en social media tot inrichten tentoonstellingen, werk wegbrengen naar galeries, inpakken, boekhouding, organiseren van open atelier. Maar ook voorwaarde creëren om te werken zoals een kapotte oven repareren, onderdelen bestellen, atelier opruimen.’

Wat is je toekomstdroom?
‘Ik zou heel graag willen focussen op het glasblazen, zonder de ruis van de zakelijke kant.’

Hoe zie jij de positie van de maker in de toekomst?
‘Mensen zouden beter moeten begrijpen wat het betekent om een maker te zijn, zien hoe het maakproces verloopt, hoeveel werk het eigenlijk is. Als ambachten en makers in de spotlight komen zal er meer appreciatie komen. Als je het verschil tussen handgemaakt en industrie vervaardigd leert zien, dan komt de waardering vanzelf.’

Wat kan Crafts Council Nederland voor jou doen?
‘Alles om makers zichtbaar te maken, zoals dit interview. En ook presentaties zoals op Révélation in Parijs, Homo Faber in Venetie, Dutch Design Week.’

Meer zien van Bibi? Bekijk haar website en Instagram.

Meer Meet the Maker? Klik hier. 

 

Bibi SMit
Links: ‘Clouds’ (2020), fotografie Frieda Mellema. Rechts: ‘Swarm’ (2018), fotografie Annemarie Sabelis.